Ik wil gewoon even slapen.

“Maar waar slaap je dan onderweg?” Nu zou ik natuurlijk kunnen zeggen dat ik elke nacht in een drie sterren hotelkamer slaap waar een heerlijk tweepersoonsbed en een bad op mij staan te wachten na elke dag van vele kilometers lopen. Dat valt net niet binnen mijn budget, maar gelukkig zijn er veel betere oplossingen.
Elke dag hoef ik me namelijk maar over twee dingen zorgen te maken: 1. Waar slaap ik en 2. Waar eet ik. (Oké, en natuurlijk waar schijt ik.) Eten is totaal geen probleem, aangezien dat overal te vinden is en dat hoeft totaal niet duur te zijn.

Slapen is soms een hele opgave. Vooral als het donker begint te worden en je nog geen slaapplek hebt, of het weer te ongunstig is voor je tent, of wanneer je eindelijk aankomt bij het hostel dat dan gesloten blijkt te zijn, dan zakt de moed je soms in de wandelschoenen.
Gelukkig komt er na regen altijd zonneschijn en heb ik al mogen ervaren dat alles altijd weer goed komt.

Voor slapen heb ik verschillende opties. De meest simpele optie is natuurlijk een hostel. Betaalbaar en degelijk (als deze open is), maar aangezien je soms met meerdere mensen een kamer deelt heb je soms de pech dat je weinig slaap krijgt vanwege je zwaar snurkende kamergenoot. Een positieve kant is dat je zomaar een filmmaker tegen het lijf loopt die jou contactgegevens wil hebben, omdat hij je verhaal erg interessant vindt.

De meest spannende optie is mijn tent. Gratis! En je kan even helemaal alleen zijn. Slim is het wel om van te voren al beetje te plannen of je in je tent gaat slapen, zodat je eten in kan slaan. Mocht je blikvoer meenemen check dan of deze zo’n handig lipje heeft om te openen. Tot nu toe heb ik altijd het geluk gehad dat dit bij mij wel het geval was en elke keer denk ik: “volgende keer even van te voren checken.” Het feit dat het wildkamperen is, maakt het allemaal wat spannender. Maar zolang je een goede plek vindt kun je heerlijk genieten van de natuur en de sterrenhemel. Het beste is natuurlijk je kamp pas op te zetten als de schemer inzet. Dus altijd zorgen dat er genoeg bos op je route is en je in het daglicht nog je plek hebt gevonden. Je wilt namelijk niet tijdens het ontwaken in de ochtend erachter komen dat je je tent in iemands tuin hebt neergezet.

De meest sociale optie is couchsurfen. Zeker een aanrader. Via een app/website kun je een aanvraag sturen om te slapen bij de meest uiteenlopende soort mensen. Soms iemand van je eigen leeftijd, dan weer een leuk gezin of een oudere dame. De slaapplekken zijn zo divers als de mensen. Van een (slaap)bank tot een bed tot een matje op de grond. De meeste hosts zorgen niet alleen dat je ergens kan slapen, maar bieden je ook een douche, avondmaal, ontbijt of zelfs taart aan. En taart als ontbijt dat mag, want je bent op reis. Het enige wat ze in return vragen is een leuke tijd en dat is nooit moeilijk te bewerkstelligen.

De meest gewaagde optie is gewoon ergens vragen om een slaapplek. Nee heb je, ja kan je krijgen. En tot nu toe had ik altijd ja. Zo heb ik geslapen bij de burgemeester van Folleville. Nee, geen animatiefiguur uit de nieuwste Disneyfilm, maar een echte burgemeester. Door gewoon op een van de bewoners af te stappen en in mijn meest amateuristische Frans uit te leggen wie ik ben, waar ik vandaag kom, waar ik mee bezig ben en wat ik zoek: je recherche un place pour dormir. Verder op mijn route kom ik langs vele kerken en parochies, waar ik kan aankloppen. Daar zei zomaar iemand ja en nam me mee naar haar huis. (Op die manier heb ik ondertussen al twee keer in een auto gezeten, maar hebben ze me de volgende dag weer netjes op dezelfde plek afgezet, zodat ik daadwerkelijk elke meter naar Barcelona loop.)

Zolang je respect toont zijn mensen bereid je te helpen en gaan ze heel ver voor je. Slapen kan altijd en overal en met de vele opties die ik heb kan ik je uit ervaring vertellen, dat geen hotel daar tegenop kan.

Advertisements

3674 potjes met vet.

“Naar Barcelona? En hoe ga je dan, lopend ofzo? Hahaha.” Veel mensen geloofde hun oren niet of moesten lachen bij het idee. Zelfs gehoord: ” Dat kan helemaal niet!” Nou laat me je zeggen, dat kan lekker wel.

Ik zal eens uitleggen hoe zoiets nu eigenlijk in zijn werk gaat: 1. Kies een bestemming. 2. Volg de weg. Ja, zo simpel is het. Nu is elke wandeling die ik maak als een vierdaagse inclusief de liedjes “1-2 in de maat” en “een potje met vet”. Natuurlijk zitten er dagen tussen dat het allemaal erg zwaar valt, maar elke route brengt je op de meest toffe plekken. Een historische stad, uitgestrekte velden of een magisch bos. De meeste dagen zijn tot nu toe mooi en geven zo nu en dan de meest prachtige ansichtkaart waardige plaatjes prijs. Met hier en daar een hert.

Zo’n avontuur is niet zonder gevaren. Zo sta je soms oog in oog met bloeddorstig wilde beesten en in elk donker steegje wacht er een moordenaar je op. Oké, onderweg neemt je fantasie een loopje met je (leuk woordgrapje), maar serieus, dagelijks kom je voor verschillende obstakels te staan. Zo houdt de weg hier en daar gewoon opeens op of moet je een stukje over een autoweg lopen.
Op zo’n moment beginnen mijn hersenen van die vreselijke verhaalsommen die je op de basisschool kreeg voorgeschoteld te bedenken. Ronnie loopt met 5 km per uur langs de weg. De tegemoetkomende auto besluit de regels aan zijn laars te lappen en rijdt in plaats van de aangegeven snelheid van 30 km per uur, zo’n 80 km per uur. Hoe ver wordt Ronnie weggeslingerd bij een frontale botsing? Gelukkig zijn ze hier in Frankrijk gewend aan het feit dat voetpaden een vreemd begrip is en maken ze ruim baan wanneer ze je passeren. Zij het met een blik die je alsnog dood.

Op regenachtige dagen transformeren bepaalde paden in grote zeeën, die je dan van eiland naar eiland bewandelen moet. Maar wanneer je de hele dag regen hebt en je al doorweekt bent, dan doorklief je die zeeën als Poseidon.

De weg is soms lang. Op sommige dagen loop ik 35 km en andere dagen maar 20. 30 km lopen in Frankrijk is duidelijk niet hetzelfde als 30 km lopen in Nederland. Wandelroutes bestaan uit onverharde modderpoelen, grindweggetjes of gewoon lopen door het gras. In de steden hebben ze natuurlijk wel iets dat door moet gaan als trottoir, maar deze zijn zo schots en scheef dat ze voor mij met mijn tas een grotere uitdaging vormen dan de vele heuvels die ik al overmeesterd heb. Lopen is wel echt een manier om alles te zien. En al heeft deze optie van reizen zijn ups en downs, ik krijg van al dat lopen wel een enorm lekkere kont.

No title.

“Zullen we hier in het centrum gaan eten of terug naar het hostel en daar in de buurt gaan eten?” Elsa is een paar dagen in Parijs bij mij op bezoek. We hebben een geweldige tijd samen en weten dan nog niet dat de keuze die we op dat moment maken daadwerkelijk van levensbelang is.

Na nog geen halfuur dat we in onze kamer zijn gearriveerd krijg ik de eerste Whatsapp berichten: Ronnie leef je nog? Die ik natuurlijk vol overgave beantwoord met: Ja, natuurlijk! Alleen wat blaren op de voeten. Al snel komt de bezorgde betekenis van de leef je nog vraag naar boven. Een golf van verbijstering en ongeloof. Opeens zijn die constante politiesirenes, die zich al die tijd als achtergrondmuziek hadden afgespeeld, heel dichtbij.

Een besluit is snel genomen. Binnen blijven. Meteen melden we aan vrienden en familie dat we nog leven. Met behulp van google translate en gebaren melden we een Franse kamergenoot dat hij even contact moet opnemen met zijn familie. Samen zoeken we het internet af naar berichten. Het dodental loopt met de minuut op en Elsa en ik zeggen weinig.
Duidelijk is dat het heftig is en dat het nieuws dat ons thuisfront ontvangt 10x meer impact heeft op hen dan op ons. Want terwijl een paar straten verder de wereld van honderden instort is die van ons als een veilige en rustige cocoon.
Een groot contrast, dat vergroot wordt wanneer de eerste kamergenoot binnenkomt die zich op het moment van de aanslagen in het stadion bevond.

Ondanks alles zijn we geen moment bang geweest. Toen ik berichten ontving van vrienden/familie dat ik meteen Parijs verlaten moest of terug moest komen naar huis, dacht ik alleen maar: “Nee, ik ga hoe dan ook door.” Ja, het is vreselijk wat er is gebeurd en totaal onzinnig. Ondanks al het verdriet, verlies en angst houd ik mijn plan vast. Ik heb de weken ervoor juist mogen ervaren hoe behulpzaam de mens van nature is. Ze staan voor je klaar, als je maar durft te vragen. Verder zijn ze nieuwsgierig en delen ze graag. Het gaat er juist om dat we naar elkaar luisteren. Ook al zijn we allemaal zo verschillend van elkaar, dat is juist waarom we moeten communiceren, om van elkaar te leren en met elkaar te kunnen lachen. In de basis maakt het helemaal niet uit wat je achtergrond is, waar je vandaan komt, wat je gelooft, je etniciteit, welke geaardheid je hebt; alles gaat om respect. En juist die verschillen kunnen ons samen sterker maken. Het enige wat je hoeft te doen is de juiste keuze te maken.

De wereld is op dit moment op veel plekken verstoort, dus is het geloven in het feit dat de wereld van haarzelf mooi en goed is heel belangrijk. Dus ga ik door, omdat ik nog zoveel wil leren, zien en ervaren. 
Voor alle mensen die in angst leven, stop met wijzen en begin met wenken.

En de hele wereld keek met hem mee.

Mijn moeder deelde mij mee dat er een aantal van haar collega’s zijn die mijn reis op de voet volgen. Daarnaast heb ik van mensen de vraag gekregen wanneer ik weer iets zou schrijven. Of bloggen zoals ik dat nu dus officieel noemen mag. Dus bij deze blog ik erop los! 

Bizar idee eigenlijk dat mensen buiten je eigen familie/vriendenkring de tijd nemen om bij te houden waar je nu mee bezig bent. Het idee van deze blog was om mijn vrienden en familie (lees: moeder) steeds een teken van leven te geven. Natuurlijk ook voor mezelf als het equivalent van een dagboek. Zodat straks als ik terug ben (ja, ik kom dus ooit terug) ik op mijn gehele reis kan reflecteren. En om niet te vergeten welke mooie mensen ik onderweg ontmoet heb. 

Sowieso is het bijhouden van een blog of vlog, of Instagram, of Facebook (nee, Twitter vind ik echt onzin) totaal geen moeite en een mooi moment op een dag om even stil te staan bij hoe tof het is dat ik deze reis kan en mag maken. Ondertussen krijg ik meer likes en comments dan ik ooit in totaal heb verzameld en deze geven me een lading aan positieve energie. Dus laten we dat vooral zo houden! 

Bikkel! We leven met je mee! Ga zo door! Supertof! Het zijn mensen die je een hart onder de riem steken, of in dit geval de heupband van mijn backback. En ik begin me als een beroemdheid te voelen, met al snel zo’n 50 volgers op Instagram. Ik zal niet naast mijn schoenen gaan lopen, want dat maakt de rest van deze reis zo zwaar, maar wanneer je in een hostel kennismaakt met een Franse (Eline) en een Schot (Scot from Scotland) die meteen met je op de foto willen, zodra je hen vertelt over je reisplan, dan ben je toch opeens een wereldster. Dus nu vroeg ik mij af, moet ik me nu zelf opgeven voor Wie is de mol of wordt ik daarover gebeld?